Skip to main content
Skip table of contents

Het maken van een voorwaarde

Startpunt

Procedure

  1. In de rechterknoppenbalk, klik op de knop Voorwaarde.
    Resultaat:
    Het deelvenster Voorwaarde verschijnt.
  2. Kies de ruimte als volgt:
    • Kies uit de vervolgkeuzelijst Ruimte.
    • Klik op de ruimte op het tekenvlak.
  3. Klik op Voorwaardelijke actie toevoegen.
  4. Geef de voorwaarde een naam.
  5. Bepaal IF door voorwaardengroep(en) toe te voegen:

    VoorwaardengroepWat?Hoe?
    AKies de bedieningen en toestellen binnen de eerste voorwaardengroep, voorwaardengroep A.

    1 Klik op de plustekens van de bedieningen en toestellen die je in de voorwaardengroep wilt opnemen.

    2 Stel de referentiewaarde voor alle bedieningen of toestellen in.

    3 Bepaal het logisch verband tussen de bedieningen en toestellen binnen deze voorwaardengroep:

    - AND (bediening/toestel 1 en bediening/toestel 2 en ...)

    - OR (bediening/toestel 1 of bediening/toestel 2 of ...)

    IF-bedieningen en IF-toestellen krijgen op het grondplan het onderschrift IF (A) (met tussen haakjes de letter van de voorwaardengroep).

    B(optioneel) Kies de bedieningen en toestellen binnen een nieuwe voorwaardengroep.

    1 Klik op Voorwaardengroep toevoegen.

    2 Herhaal stappen 1 t.e.m. 4 van voorwaardengroep A.

    3 Bepaal het logisch verband tussen de voorwaardengroepen:

    - AND (groep A en groep B en ...)

    - OR (groep A of groep B of ...)


    Gebruik Multiselect om meerdere bedieningen en toestellen tegelijk te selecteren.
  6. (optioneel) Klik op de knop Tijdschema toevoegen om een tijdschema toe te voegen.

  7. Bepaal THEN door toestellen toe te voegen:

    Wat?Hoe?
    Kies de toestellen.

    1 Klik op de plustekens van de gewenste toestellen.

    2 Stel de referentiewaarde voor alle toestellen in.

    3 Stel voor elk toestel de eventuele vertraging in waarmee de waarde wordt uitgevoerd.

    THEN-toestellen krijgen op het tekenvlak het onderschrift THEN.

  8. (optioneel) Klik op de knop Melding toevoegen om een melding toe te voegen. Kies het type melding: pushmelding of informatieve melding. Typ de meldingstekst.

  9. Bepaal ELSE door toestellen toe te voegen:

    Wat?Hoe?
    Kies de toestellen.

    1 Klik op de plustekens van de toestellen die je wilt of klik op Toestel opnieuw gebruiken om een toestel te hergebruiken bij ELSE.

    2 Stel een melding in met Melding toevoegen .

    3 Stel de referentiewaarde voor alle toestellen in.

    4 Stel voor elk toestel de eventuele vertraging in waarmee de waarde wordt uitgevoerd.

    ELSE-toestellen krijgen op het tekenvlak het onderschrift ELSE.

    Afhankelijk van de toepassing heb je niet noodzakelijk toestellen nodig bij ELSE.

  10. Klik op de knop Sluiten om terug te keren naar het deelvenster Voorwaarde.
  11. Klik op de knop Sluiten om terug te keren naar het overzichtsvenster Creëren.


JavaScript errors detected

Please note, these errors can depend on your browser setup.

If this problem persists, please contact our support.